introductie

doel

grazers

probleemplanten

overeenkomsten

documentatie

contact

Extra informatie

Begrazingsplanning gerelateerd aan de voorplanting

Aangezien er voor optimaal resultaat zowel winter-, voorjaars-, zomer- en najaarsbegrazing nuttig kunnen zijn worden deze specialiteiten uitgevoerd met deelkuddes die eventueel verschillen qua geslacht of leeftijdssamenstelling. Winter- en voorjaarsbegrazing kunnen perfect worden uitgevoerd met jaarlingooien of -rammen.

Voortplanting

Schapenrassen met een seizoensgebonden bronst kennen die in het najaar. Bij primitieve rassen is dit later, , nl. in oktober/november en de lammeren worden dan ook later in het voorjaar geboren wat overeenstemt met de eerste groei van de vegetatie en zo een goede melkgift bewerkstelligt.

De natuurlijke vruchtbaarheid van de ooien komt geleidelijk op gang en wordt verder aangewakkerd door de rammen in de kuddes te plaatsen. Na 145 dagen worden dan de eerste lammeren geboren. Alleen ooien met een goede constitie worden ingezet voor de voortplanting. Jaarlingooien zijn nog onvoldoende ontwikkeld worden nog een jaar gespaard en krijgen de kans om volwaardig uit te groeien. Deze vorm van bedrijfsvoering heeft uiteraard een economisch minkantje maar daarin kenmerkt zich precies onze bedrijfsvoering: respect voor de natuur.

Voor het aflammeren worden de drachtige ooien naar "huis" gehaald. De bevallingen vindt plaats  in open lucht omdat de gebruikte rassen absoluut niet te houden zijn in een stal. Bijna alle bevallingen gaan geheel vanzelf. Een enkele keer moet geholpen worden om een terugliggend pootje even naar voren te halen of om een stuitligger goed geboren te laten worden.
De meeste lammeren worden geboren rond zonsopgang en in die periode wordt de kudde volstrekte rust gegarandeert.

De meeste Soay- en Manx Loaghtan-ooien krijgen 1 of 2 lammeren. Het gemiddelde is resp. 1,4 en 1,7. Dit gemiddelde geldt voor de volledige kudde, dus inclusief ooien die voor het eerst lammeren evenals oudere ooien. Dat is meer dan dat ze in hun oorspronkelijk thuisland hebben, blijkbaar vanwege het ruime aanbod van gevarieerd voedsel onder vorm van kruiden en diverse soorten gras, plus het hooi ervan. In principe worden ooien net niet apart gezet zoals op de meeste plaatsen wordt gedaan. Integendeel, de lammeren van deze rassen zijn zeer vitaal en gaan al snel kennis nemen met de andere groepsleden. Daardoor worden ze snel herkend als lam van de betreffende ooi. Bij probleemgevallen, die altijd voorvallen, wordt een ooi die gelammerd heeft met haar lam(meren) in een apart hokje gezet. Maar vaak worden ze dan al na een paar uur weer vrijgelaten omdat deze rassen het opgesloten zijn als frustrerend ervaren en daardoor onnatuurlijk reageren. De lammeren gedragen zich als wilde hertachtigen, blijven vaak op een zelfde plaats liggen en de ooi komt hen periodiek zogen of roept hen om gezoogd te worden. Eenmaal de lammeren een paar dagen oud gaan ze samen met hun jonge 'vriendjes' spelen terwijl de moeders genieten van het verse gras met kruiden, precies wat ze nodig hebben om volop melk te produceren.

Het houden van rammen

Rammen van Soay en Manx Loaghtan zijn zeer temperamentvol. Om dit temperament te temperen worden rammen hetzij in kuddes van ramlammeren, onder leiding van een volwassen ram als zuivere rammengroepen van adulten gehouden.

begrazing.be houdt steeds minstens 5 volwassen rammen samen. Zo is er voldoende interactie en worden conflicten in groep opgelost. Rammen zijn doorgaans veel toleranter tegenover elkaar dan ooien maar wat we bij een confrontatie te zien krijgen is indrukwekkender.

Binnen een groep rammen, maar evengoed tussen de ooien, geldt een bepaalde hiŽrarchie die niet constant is maar gedurende de tijd kan wisselen, bij voorbeeld door individuele conditie. De basis van de hiŽarchie is leeftijd, zeker bij ooien.